Blijvend gebit

Rond de leeftijd van 5 jaar begint het blijvend gebit met doorkomen. In de hierop volgende periode hebben kinderen een wisselgebit. Er zitten dan zowel melktanden en melkkiezen als blijvende tanden en blijvende kiezen door elkaar heen. Op ongeveer 13-jarige leeftijd is het blijvend gebit compleet.

Tanden en kiezen van het blijvend gebit

Het blijvend gebit bestaat dan uit totaal 28 tanden en kiezen. Daar kunnen tussen ongeveer 18 en 24-jarige leeftijd nog 4 verstandskiezen bijkomen. Maar niet iedereen krijgt verstandskiezen. Soms breken ze niet allemaal of maar gedeeltelijk door. Ook kunnen ze helemaal niet aanwezig zijn.

De snijtanden en de hoektanden van het gebit zijn voor het afbijten en "afscheuren" van voedsel. De kleine en grotere kiezen zijn er om vervolgens het voedsel fijn te kauwen.

Het blijvend gebit moet de rest van het leven mee, helaas krijgen we geen nieuwe tand of kies meer als we er een verliezen. Reden om het goed te verzorgen. Het blijvend gebit komt door als kinderen een belangrijke periode doormaken in het zelfstandig worden. Zo zullen ze langzamerhand de verzorging van hun gebit zelf (willen) gaan doen en zullen ouders minder grip krijgen op de mondhygiëne van hun kind.

Verschil melkgebit en blijvend gebit

  • Blijvende tanden en kiezen zijn groter dan die van het melkgebit. Na het doorbreken zit er aan de snijtanden van het blijvend gebit, meestal de ondersnijtanden, een kartelrandje. Dit slijt meestal na verloop van tijd weg.
  • De kleur van het blijvend gebit is meestal geler dan die van het melkgebit. Dit komt doordat de opbouw van het glazuur van het blijvende gebit anders is dan van het melkgebit. Hierdoor schijnt het eronder gelegen (gele) dentine bij het blijvend gebit makkelijker door. Poetsen kan het niet witter maken, het is het normale kleur van het glazuur.
  • Het glazuur van het blijvend gebit (dat langer mee moet) is sterker en dikker dan dat van het melkgebit (dat maar tijdelijk is). Maar let op: dit is nog niet het geval bij pas doorgebroken tanden en kiezen van het blijvend gebit. Deze zijn juist extra kwetsbaar omdat het glazuur vlak na de doorbraak nog niet geheel uitgehard is.
  • Daarnaast hebben pas doorgebroken blijvende kiezen vaak diepere groeven dan de kiezen van het melkgebit.